
Op 9 oktober 2025 verdedigde arts-onderzoeker Anne Leerling haar proefschrift aan de Universiteit Leiden. Anne was jarenlang werkzaam bij het Centrum voor Botkwaliteit van het LUMC en deed onderzoek onder begeleiding van Liesbeth Winter (co-promotor) en Olaf Dekkers (promotor).
Het proefschrift, met de titel Into Terra Incognita: Towards Improved Care for Adults with Chronic Nonbacterial Osteitis (CNO), is geheel gewijd aan CNO bij volwassenen. De onderzoeken in het proefschrift vormen een belangrijke stap in het vergroten van de kennis en het verbeteren van de zorg voor de patiënten die met deze aandoening leven. Tot voor kort ontbrak het namelijk aan duidelijke richtlijnen voor diagnose en behandeling. Dit leidde tot veel onzekerheid bij patiënten én behandelaren. Het proefschrift van Anne Leerling richtte zich daarom op drie grote thema’s: de ziektedefinitie, monitoring en behandeling van volwassenen met CNO.
In het eerste deel van het proefschrift onderzochten Anne en collega’s hoe CNO in de medische literatuur en praktijk wordt gedefinieerd. Lange tijd werd de ziekte bij volwassenen vooral gezien als sternocostoclaviculaire hyperostose (SCCH), waarbij voornamelijk de voorste borstwand betrokken is. Uit de studies bleek echter dat CNO een bredere ziekte is en vaker dan we dachten op andere plekken in het skelet voorkomt. Ook bleek CNO in andere landen vaker samen te gaan met andere ontstekingsziekten, zoals psoriasis of artritis.
Het tweede deel richtte zich op het monitoren van de ziekte. Uit een groot cohortonderzoek bleek dat nieuwe laesies meestal ontstaan in gebieden die bij diagnose al waren aangedaan. Dit is belangrijk om te weten, want veel patiënten maken zich – begrijpelijk – zorgen over de vraag of de ziekte zich in het skelet zal verspreiden. Dit lijkt dus maar bij een heel klein deel van de patiënten te gebeuren. Ook betekent deze bevinding dat scans van het hele lichaam niet altijd nodig zijn om de ziekte te volgen; vaak volstaat een scan van het gebied dat al aangedaan was in het begin van de ziekte. In deel twee werden ook verschillende “biomarkers” onderzocht: waarden in het bloed die iets kunnen zeggen over de aanwezigheid en ernst van CNO. Klassieke ontstekingswaarden leken weinig behulpzaam om de ziekteactiviteit bij CNO weer te geven, maar moderne beeldvorming zoals [18F]NaF-PET/CT leek wel gevoeliger om de verhoogde botactiviteit bij CNO te meten.
In het derde deel stond de behandeling van volwassenen met CNO centraal. Uit de literatuur en artsenenquêtes bleek dat bisfosfonaten en TNF-remmers naar ervaring de meest effectieve middelen zijn, maar dat stevig wetenschappelijk bewijs ontbreekt. Daarom startte het Centrum voor Botkwaliteit van het LUMC de PAPS-studie, een gerandomiseerde trial waarin pamidronaat (APD, een bisfosfonaat) wordt vergeleken met placebo. Ook werd aandacht besteed aan pijnprofielen. Bij veel patiënten spelen naast ontstekingspijn ook zenuwpijn en chronische pijn een rol. Dit vraagt om een bredere aanpak van pijn bij CNO dan alleen het indammen van de ontsteking: ook gerichte pijnbehandelingen of fysiotherapie kunnen belangrijk zijn.
Een belangrijke mijlpaal in het proefschrift is de eerste richtlijn voor volwassenen met CNO, ontwikkeld met een internationaal team van experts. Hierin zijn aanbevelingen opgenomen voor diagnostiek, behandeling en monitoring. Hoewel er voor veel aanbevelingen nog veel wetenschappelijk bewijs moet worden verzameld, vormt deze richtlijn een waardevol startpunt voor verdere internationale samenwerking en toekomstig onderzoek.
Dank aan patiënten en vereniging
Het proefschrift had nooit tot stand kunnen komen zonder de inzet van patiënten die deelnamen aan de onderzoeken en hun ervaringen deelden. Hun bereidheid om vragenlijsten in te vullen, mee te doen aan onderzoeken en hun verhaal te vertellen, was onmisbaar. Daarnaast leverden de waardevolle signalen en feedback uit de dagelijkse praktijk – zoals pijn, vermoeidheid en de impact van vertraging in de diagnose – richting aan het onderzoek.
Anne spreekt ook haar dank uit aan de patiëntenvereniging, die niet alleen patiënten ondersteunt, maar ook actief bijdroeg aan het mogelijk maken en het uitdragen van dit proefschrift.
Meer lezen?
Het digitale proefschrift van Anne Leerling is beschikbaar via de onderstaande knop.
Tip: achterin staat een samenvatting in het Nederlands! Het wachtwoord is: 181392
